Piek - steun voor hoogbegaafden thuis en op school

Piek - steun voor hoogbegaafden thuis en op school Piek! begeleidt bij het aanpassen van school, thuis en hulpverlening voor hoogbegaafden in Vlaanderen

08/06/2025

Vandaag ben ik een reis aan het plannen: een rondreis voor 6 personen. Voor het eerst.

Nochtans zou ik dit eerder even goed hebben gekund, alleen durfde ik niet. Het is niet zozeer dat ik dacht dat ik het niet kon, maar eerder dat ik schrik had om een fout te maken. Alleen was die gedachte nooit nadrukkelijk op de voorgrond. Ik dacht dus altijd maar: 'nee, niets voor mij', zonder echt te kijken waarom. het trok me aan, en toch weer niet ...

Dit is exact wat ik herken bij veel kinderen. Ze willen wel, maar als het 'echt' wordt, dan haken ze af. Als ze moeite moeten gaan doen, stoppen ze liever. Dit is geen luiheid. Dit is angst. Oprechte, in het systeem ingebakken angst. Want wat als het niet goed gaat?! Deze angst werkt verlammend.

Op termijn ga je in een gekke spagaat staan. Je wil het, je voelt ook aan dat je het wel kan, en toch lijk je niets te kunnen realiseren. Niet alleen is het jammer van de eventueel gemiste kansen. Het zorgt ook voor een heel negatief zelfbeeld. Wat dan natuurlijk nog extra aan de angst toevoegt. Zo ontstaat een negatieve spiraal.

Het herkennen van die angst, is een belangrijke stap. Het geeft je de mogelijkheid om zelf de keuze te maken om er al dan niet aan toe te geven.

En daarom plan ik dit jaar onze reis zelf, ook al zal ik wellicht fouten maken! góða ferð!

01/02/2024

In de opleiding 'oplossingsgericht coachen' die ik nu volg, kwamen de drie vragen voor een gelukkig leven aan bod:
1. Wat heb ik gisteren zelf gedaan dat mij een goed gevoel gaf?
2. Wat heeft iemand anders gisteren voor mij gedaan dat mij een goed gevoel gaf? Heb ik die persoon op die manier bedankt, dat hij/zij het in de toekomst nog wel eens zou doen?
3. Welke zintuiglijke ervaring heeft mij gisteren een goed gevoel gegeven?

De kracht van deze vragen, zit hem erin dat je niet alleen stilstaat bij positieve elementen op het moment dat je die oefening uitvoert, maar dat je ook tijdens de dag meer en meer oog hebt voor fijne ervaringen. Voor hoogbegaafden is vraag 3 ook een hele belangrijke: actief leren uit je hoofd komen en in je lijf, je zintuigen aanspreken is een heel sterke oefening.

Nog leuker vind ik het, persoonlijk, wanneer we die vragen ook als communicatiemiddel gaan inzetten. Een tool die ik vaak in gezinnen gebruik is het 'complimentjes-momentje'.

Bouw als gezin een vast dagelijks tijdstip in waarop je allemaal gaat samen zitten (zelf hebben wij deze oefening lang vlak voor bedtijd van onze jongste gedaan). Iedereen moest twee dingen doen:
- geef aan elk van de anderen een compliment over iets wat de ander in de loop van de voorbije dag heeft gedaan. Probeer vooral naar acties te kijken (dus niet 'ik vind dat je mooi haar hebt') en focus op heel concrete dingen. Dus liever 'ik vind het fijn dat je de deur voor mij hebt open gehouden toen ik met mijn handen vol aankwam' dan 'ik vind dat je een lieve broer bent'. Het mag dus zeker over heel kleine dingen gaan.
- geef ook aan jezelf een compliment (! moeilijk !)

Dankzij deze methodiek:
- leer je elkaar iets beter kennen
- let je na verloop van wat tijd beter op wat een ander voor je doet, je denkt doorheen de dag al vaker 'ah, dat moet ik onthouden voor vanavond, want dat was wel lief'. Dat doe je niet alleen voor de ander, maar ook voor jezelf! Je bouwt bijgevolg als vanzelf een soort positieve feedback op in je eigen denkwijze.
- tot slot ga je eigenlijk, in je gezin, ook vaak gewoon meer 'aandacht voor de kleine dingen' zien. Je zal sneller die deur openhouden voor broer of zus, wanneer dat als compliment aan bod kwam, bijvoorbeeld.

Een kleine techniek die een beperkte tijd vraagt, en geen geld kost, maar zoveel kan opleveren!

06/11/2023

Zeg ik mijn kind dat het hoogbegaafd is?

Veel hoogbegaafde kinderen geven aan dat ze zich zo ‘anders’ voelen. Al van heel kleinsaf.

Ze voelen zich raar en gaan vaak op zoek naar die oorzaak binnen zichzelf. Dit kan er mee voor zorgen dat ze een negatief zelfbeeld ontwikkelen en zich sociaal buiten de groep plaatsen. Hierdoor voelen ze zich nog meer ‘de vreemde eend in de bijt’. Een vicieuze cirkel die zichzelf heel lang in stand kan houden.

Hoe vaak horen we niet van volwassenen dat ‘alle puzzelstukjes in elkaar vielen’ toen ze ontdekten dat ze hoogbegaafd zijn. Waarom zouden we dat onze kinderen ontzeggen?

Veel ouders zijn bang het woord ‘hoogbegaafd’ te gebruiken bij hun (jongere) kinderen. De angst is er dat het kind deze term zelf zal gaan gebruiken in een gesprek met vriendjes. De term kan inderdaad een ongewenste reactie uitlokken bij andere kinderen, leerkrachten, ouders, … die niet zo heel goed begrijpen wat hoogbegaafdheid precies inhoudt.

Of je het woord ‘hoogbegaafd’ nu wel of niet in de mond neemt, is voor mij dan ook van ondergeschikt belang. Wel vind ik het belangrijk dat de peuter, het kind, de tiener, ja zelfs de volwassene zichzelf begrijpt. Niets zeggen is voor mij dus absoluut geen optie. Ik ben ook geen fan van termen als ‘snel hoofdje’, ‘slimme denker’, … Deze houden een soort verhouding in zich (hoger-lager), wat op zich ook weer voor weerstand kan zorgen bij de omgeving,

Ik hou heel hard van ‘anders’. En ik meen ook oprecht dat dat het beste de lading dekt. De hersenen van hoogbegaafden werken een beetje anders. Ik leg graag uit (op maat!) dat hersenen van hoogbegaafden voortdurend input nodig hebben om zich goed te ontwikkelen, meer input dan typisch. Dat ze zich bijgevolg vaak niet goed ontwikkelen bij (alleen maar) het standaard schoolaanbod. Dat hoogbegaafden belangrijke valkuilen hebben, zoals niet gewend zijn van te oefenen, te studeren, niet gewend zijn van te automatiseren, … Maar dat ook die zaken heel belangrijk zijn, en dat het dus belangrijk is dat ze dat ook leren.

Ik kies ervoor om ook het zijnsluik van hoogbegaafdheid erbij te betrekken, wanneer van toepassing. Ik leg uit dat het regelmatig voorkomt dat hoogbegaafden andere normen en waarden belangrijk vinden en vaak gevoeliger zijn. Dat ze zich daarom vaak een beetje anders voelen dan anderen. Dat het belangrijk is dat ze dat begrijpen en daar leren mee omgaan. Maar ook dat er nog mensen zijn met ‘dat soort hersenen’ en dat je ze zeker en vast tegenkomt in je leven.

Kortom: dat de hersenen een beetje ‘anders’ zijn. En dat ‘anders’ perfect OK is.

Send a message to learn more

02/11/2023

Een eerste (online) gesprek is gratis en volledig vrijblijvend!
In een eerste contact zoeken we samen naar wat de hulpvraag precies is en op welke manier ik verder kan helpen. Zonder verdere verplichting!

02/11/2023

Wat kan Piek! voor je doen?
INZICHT GEVEN - aan hoogbegaafden, van kleuter tot volwassene - Waarom vinden anderen mij niet leuk? Waarom houden anderen zich niet aan de afspraak? Waarom moet ik studeren? Hoe pak ik dat aan? Waarom ben ik mijn job altijd zo snel beu?
BRUGGEN BOUWEN - tussen kind, ouders, scholen, andere hulpverlening - hoe kunnen we dit kind, deze tiener de juiste vaardigheden meegeven, hoe bereiken we dat diploma?
INFO GEVEN - aan ouders en leerkrachten - Als dit kind zo slim is, waarom haalt het dan geen goede cijfers op school? In de klas werkt hij altijd perfect mee, het is thuis dat de problemen ontstaan, dan ligt het toch aan de thuissituatie? Hoe kan ik het kind voldoende uitdagen in de klas? Wat kan ik als ouder doen?
ONDERSTEUNING - voor hulpverleners - hoe kan ik als psycholoog, logopedist, kinesist, arts, coach, ... het beste omgaan met deze hoogbegaafde patiënt?

Sternberg ontwikkelde het model van 'succesvolle intelligentie'. Hij stelde dat ieder van ons een denkvoorkeur heeft. So...
09/10/2022

Sternberg ontwikkelde het model van 'succesvolle intelligentie'. Hij stelde dat ieder van ons een denkvoorkeur heeft.
Sommige leerlingen zijn eerder analytisch, zij zijn sterk in inzicht, logisch redeneren, overzicht bieden, alles op een rijtje zetten.
Andere leerlingen zijn eerder creatieve denkers en kunnen via een sterk voorstellingsvermogen makkelijk creatieve associaties maken die tot oplossingen kunnen leiden.
De praktische denkers zijn erg doelgericht, en gaan meteen aan de slag. Zij bezitten de praktische en sociale vaardigheden om voor een probleem effectief tot een oplossing te komen.

Om tot 'succesvolle intelligentie' te komen, moet je de drie denkvoorkeuren kunnen integreren. Dit is van belang in een teamsamenstelling, maar ook in je eigen brein. Heel vaak zien we dat kinderen bij stress, wanneer ze onder druk komen te staan, ... heel erg vervallen in hun voorkeurs-denkmodel en de andere aspecten van het 'probleemoplossen' verwaarlozen. De analytische denken blijft hangen in analyse en komt niet tot uitvoeren. De creatieve denker zoekt meteen oplossingen, maar naast de kwestie, want de vraag werd niet goed gelezen. De praktische denker vliegt er meteen in, maar blijft steken in het 'doen zonder richting'.

Bij het ontwikkelen van extra materialen voor een schoolomgeving, proberen we rekening te houden met de voorkeursdenkwijze van de leerlingen, en vooral met de nog te ontwikkelen vaardigheden om sterker in het midden tussen de verschillende denkwijzen te komen. Zo laten we de kinderen bewust worden van hun voorkeursdenkwijze en zoeken we samen naar manieren om de andere denkwijzen te ontwikkelen.

We juichen álle initiatieven toe die hoogbegaafde kinderen en jongeren kunnen helpen in hun leer-carrière. Een halve dag...
21/09/2022

We juichen álle initiatieven toe die hoogbegaafde kinderen en jongeren kunnen helpen in hun leer-carrière. Een halve dag per week werken op eigen niveau is zeker waardevol (en een halve dag 'gewone' school missen is kan dat ook zijn)!

Nóg beter is het als die halve dag mooi ingebed zit in de 'normale' schoolgang. Waarom als school niet samenwerken met de externe plusklas? Werk op maat koppelen aan het thema waaraan gewerkt wordt bijvoorbeeld? Waarom niet als leerkracht even nagaan waar aan gewerkt wordt (ontwikkelen van executieve vaardigheden) in deze externe plusklas, eens horen wat deze specialisten opvalt over de leerling en wat je zelf in de klas kan op letten.

SAMENwerken met elkaar en met de kinderen/jongeren. Daarmee kan je zó veel bereiken!

Ze hebben zelf hoogbegaafde kinderen en merkten dat die bijna nergens terecht konden.

"Mensen denken bij hoogbegaafdheid aan een slim kind, een kleine Einstein die op zijn tiende de universiteit heeft afger...
13/09/2022

"Mensen denken bij hoogbegaafdheid aan een slim kind, een kleine Einstein die op zijn tiende de universiteit heeft afgerond. Zo werkt het helaas niet."

=> herkenbaar?

Soetkins zoontje is hoogbegaafd. "Hij is heel slim, maar beleeft de wereld ook op een andere manier. Ik wil aandacht hiervoor."

09/08/2022

'In any given moment, we have two options: to step forward into growth or to step back into safety.'
- Abraham Maslow

### toi toi toi aan ieder die lichte paniek voelt opkomen nu september weer zachtjesaan dichterbij sluipt.

13/06/2022

We weten het allemaal: het gaat niet om de punten, het gaat om de inspanning die ze leveren. Een kind dat hard moet werken om 7/10 te halen, verdient meer schouderklopjes dan een kind dat zonder iets te doen 9/10 haalt. Of toch: zo wordt gezegd.

Dat het kind dat zonder iets te doen 9/10 haalt eigenlijk gewoon de kans niet krijgt om iets te doen, zichzelf uit te dagen, leggen we even naast ons neer. En dat dat kind dan vaak een volgende toets in punten zakt (zelfs al snapt het heel de leerstof, ogenschijnlijk uit nonchalance), dat is voer voor een volgend berichtje.

Ondanks het feit dat we weten dat het niet om de punten gaat, kijken we toch altijd weer een beetje uit naar die punten. Vooral eigenlijk bij jonge kinderen. Dit zal vooral herkenbaar zijn bij wie nog in de fase zit van de school, de leerkrachten, de familie, en misschien nog onszelf ervan te overtuigen dat ons kind wel degelijk hoogbegaafd is. Want als je kind zonder moeite +90% haalt, sluit je veel beter aan bij het stereotiepe beeld dan wanneer je kind net 75% haalt, en krijg je meer begrip.

Zo hoort het natuurlijk niet te zijn, maar het is het wel. En dus proberen we niet om punten te malen, maar vaak is er toch die druk.
"Mocht ze nu eens tonen wat ze waard is"
"mocht juf nu eens zien dat hij al die sommen eigenlijk al perfect kent"
"wat zullen ze wel niet zeggen als ik net aangebracht heb dat de psycholoog vindt dat mijn zoon best een jaartje overslaat, en hij geen 80% haalt"
...

En dus leggen we onbewust toch die druk op onze kinderen. Ook al spreken we ze niet uit, de zenuwachtigheid is er, en die wordt door onze hooggevoelige zieltjes zonder fout opgepikt.

Daarom een kleine oproep:
'let it go'!
Zet geen druk bij je kind. Zorg voor een warme thuis, waarbij je kind weet dat jij er áltijd voor hem of haar zal zijn, of dat rapport nu 'gewoon goed' is of 'supergoed'. De band met je kind is belangrijker dan wat de buitenwereld denkt. Is belangrijker dan punten.

Zorg voor een omgeving waar 'aan de slag gaan' loont, en gefaciliteerd wordt. Waar je kind al doende leert dat het belangrijk is van te werken voor een resultaat. Want uiteindelijk is dát de belangrijkste les in de lagere school (en zelfs daarboven?)

Aan alle mama's en papa's met examen- en toetsenstress: veel succes. Blijven ademen. Blijven knuffelen. Blijven graag zien.
Nog voor jullie: het is niet erg een fout te maken, zo lang je blijft bijleren, werken en oefenen komt het goed. Wees daar maar van overtuigd, en straal dat maar uit. Zoveel belangrijker dan de punten!

07/06/2022

Hij zit op pianoles, elke woensdagmiddag, een uurtje. En eigenlijk doet hij dat graag, én goed.

Maar elke keer is het weer hetzelfde liedje: hij krijgt een nieuw werk om te spelen, eentje dat moeilijk lijkt (of is). Hij stelt het daarom uit om er aan te beginnen, want eigenlijk weet hij niet goed hoe dat moet. Hij laat de partituur in zijn tas zitten. Hij speelt duchtig de werken die hij wél al kent. Op woensdag, voor vertrek naar de les, een duidelijke ongerustheid. 'Juf gaat niet content zijn'.

Na een aantal weken wordt op dinsdagavond dan toch de nieuwe partituur uit de tas gevist om er welgeteld 35 seconden naar te kijken en daarna in tranen uit te barsten. 'Dit ga ik nooit kunnen', 'dit is veel te moeilijk voor mij', 'mijn juffrouw gaat zó boos zijn', ...

Uiteindelijk, na tussenkomst van mama, bedaart hij. Het werk wordt in stukjes gekapt: eerst de eerste twee maten. Eerst rechterhand, dan linkerhand. Na dat uurtje werken, kent hij de eerste acht maten al min of meer, en heeft hij de moed gevonden om ook de rest aan te pakken. Twee weken later kan hij het werk doorspelen en nog zes weken later kent hij het zo goed dat hij het zonder partituur speelt ...

Het is een stressvolle ervaring, maar fantastische les, telkens weer. Telkens weer beseft hij dat de paniek voordien hem tegenhoudt om te schitteren. En dat hij er beter gewoon aan begint. Dat als hij een groot probleem ziet, hij dat kan aanpakken door het in kleine stukjes te hakken. Hij leert dat oefenen loont. En dat je beter wordt net door iets aan te pakken dat origineel erg lastig lijkt ... En hoe trots je je kan voelen als het lukt.

Hoe goed het ook is dat hij het in de pianoles leert, het blijft erg jammer dat hij deze lessen mist in de 'gewone dagschool'. Want éigenlijk draait school niet om het leren van de kleuren, van de cijfers en de letters en wat het voltooid deelwoord is of hoe een parallellogram eruit ziet. School gaat er vooral om dat je leert dat als iets moeilijk lijkt, dat je er best gewoon tóch aan begint. Dat je die moeilijke taak het beste in stukjes kan kappen en die stukjes één per één kan aanpakken. Dat oefenen loont. Dat je beter wordt als je oefent, en gewoon de taak aanpakt. Dat het OK is dat het niet in 1 keer lukt.

Taakinitiatie, volgehouden aandacht, strategieën om iets aan te pakken, ... dáár gaat school om. Of zou het moeten om gaan.

Dat hoort een kind te leren vanaf de kleuterklas. Niet in grote partituren waar je 8 weken zal over doen. Wel in kleine, alledaagse dingetjes: de jas bij het juiste symbooltje ophangen, de vraag van de juf kunnen beantwoorden, die rekenoefening - die eerst moeilijk leek - opgelost krijgen ... Die dingen die eerst onmogelijk leken en tóch lukten (lees: werken in de zone van naaste ontwikkeling). Dat laat een kind groeien.

En dat ontbreekt net heel vaak bij hoogbegaafde kinderen. Als de taakjes telkens 'simpel' zijn, als je zelden een taak krijgt waar je je even voor moet inspannen, waar je even die lichte paniek voelde van: 'hoe moet dit?', ... Dan krijg je ook die ervaringen niet mee die net bedoeld zijn.

Het zijn ook net die kleine, alledaagse dingetjes die ervoor zorgen dat je je goed gaat voelen over jezelf. Kleine succeservaringen doen je zelfvertrouwen toenemen. Hij blonk toen hij het 'onmogelijke' nummer speelde vorige week op zijn examen. Jammer dat hij niet geleerd heeft om elke dag een klein beetje te schijnen in het werk van elke dag ...

31/05/2022

"Je kan de uitdaging toch op andere vlakken aanbieden dan op school"

Klopt. Er zijn heel veel heel hobbies, georganiseerd of gewoon thuis, die naast gewoon leuk, ook erg nuttig zijn. Muziekles, programmeren, het bos in gaan met determinatietabellen, boeken lezen, ... ze kunnen ervoor zorgen dat je kind oefent in taakinitiatie, in doorzettingsvermogen, in organisatie, ...

Meer nog, ze kunnen ervoor zorgen dat je kind gaat 'aan staan', dat de hersenen van je kind actief blijven, zin blijven houden in leren en ontvankelijk blijven voor nieuwe leerstof.

Als je geluk hebt. Want niet ieder kind vindt in het aanbod dat bestaat niet dié hobby die hem of haar kan boeien. In die omgeving die voor hem/haar veilig voelt. En niet iedere hobby kan schakelen op de snelheid en diepgang die onze kinderen nodig hebben om geboeid te blijven. Je moet dus een beetje geluk hebben om een hobby te vinden die helemaal past.

Is een hobby die past dan wel dé oplossing? Nee. Het kan helpen. Maar het neemt niet weg dat je kind naast de hobby ook nog de 'gewone' schooltijd heeft. Of soms: 'moet ondergaan'. Die wordt immers niet minder schadelijk doordat je ze flankeert met een hobby, hoe nuttig die hobby ook mag zijn. Soms leeft al eens het gevoel dat je thuis, of met een hobby, de schade moet keren die tijdens de dag werd toegebracht.

Daarenboven heeft ook een kind slechts 24 uren in een dag, waarvan het er liefst toch een flink aantal van slaapt. En ook een hoogbegaafd kind heeft nood aan 'gewoon thuis zijn', luieren, gamen, hangen. Het is geen makkelijke evenwichtsoefening als je alle hiaten die school slaat wil opvullen door hobby's of eigen geboden uitdaging, maar ook nog genoeg 'vrije tijd' wil bieden.

Én nemen, want laat ons eerlijk zijn: ook voor de ouders is dit best wel veel ...

Adres

Hooglede
8830

Website

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Piek - steun voor hoogbegaafden thuis en op school nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact

Stuur een bericht naar Piek - steun voor hoogbegaafden thuis en op school:

Delen