20/09/2025
De berichtgeving rondom de thanatopraxie behandeling en het gebruik van biociden volg ik met aandacht, maar ik merk dat dit soort platformen vaak ruimte geven aan eindeloze discussies vol meningen en onduidelijkheden. Dat is ook de reden dat ik normaal gesproken terughoudend ben om hier te reageren.
Voor mij is de lijn van handhaving door de ILT helder: biociden zijn gebonden aan strikte regels, en daarop moet gehandhaafd worden. De onduidelijkheid die nu veel ontstaat, draait niet zozeer om de biociden zelf – er zijn immers drie toegelaten middelen – maar om de additieven en ondersteunende materialen. Daarbij gaat het in de discussie vaak om merken, terwijl het juist moet gaan om de toevoegingen en de vraag of deze wel of niet onder biocide-handhaving vallen. Het is volgens mij te kort door de bocht om te stellen dat enkel producten van één merk zijn toegestaan. Iedere additieve moet afzonderlijk beoordeeld worden: biocide of niet.
Wat ik persoonlijk merkwaardig vind, is de houding van het CTBG. Er lijkt samen met aanvragers van toelating te veel gewicht te zijn gegeven aan meningen, terwijl juist de feiten leidend zouden moeten zijn.
Ook de rol van leveranciers verdient aandacht. Via ILT heb ik vernomen dat zij zich ervan moeten overtuigen dat de middelen uitsluitend aan professionals geleverd worden. Er wordt echter niet duidelijk gemaakt hóe zij zich hiervan moeten overtuigen. Hierin lijkt een verschil te ontstaan in de mate van professionaliteit. Mijn overtuiging is dat het behalen van het examen de maatstaf is: daarmee toon je aan de kennis en kunde te beheersen. Dat maakt je misschien niet meteen een uitstekende chauffeur, maar je rijbewijs is wel het bewijs dat je mag rijden. Zo zou het ook hier moeten gelden.
Tot slot zie ik dat de discussie voorbijgaat aan iets wezenlijks: het belang van thuisbehandeling. We hebben met grote inspanning feiten verzameld waaruit blijkt dat het niet gaat om de ruimte waarin je staat, maar om hoe je deze faciliteert. Zelf werk ik al jaren met professionele mobiele luchtzuivering, en ik zie dat wij in Nederland vaak meer doen dan in de omliggende landen om ervoor te zorgen dat iemand tot het allerlaatste moment ook thuis verzorgd kan worden.
Transparantie en feitelijkheid zijn in deze discussie noodzakelijk, zodat we het belang van de overledene en diens naasten centraal kunnen blijven stellen.