26/02/2026
Als je jezelf voortdurend moet bewijzen op je werk
Veel werknemers met autisme ervaren een sterke innerlijke drang om het goed te doen op hun werk.
Misschien herken je dit: je wilt geen fouten maken, je wilt betrouwbaar zijn en je wilt laten zien dat je je baan verdient.
Dat is begrijpelijk.
Zeker als je al vaker hebt ervaren dat dingen niet vanzelf gingen, of als je hard hebt moeten werken om te komen waar je nu bent.
Maar die innerlijke drang kan ook te groot worden. Zo groot, dat het je energie kost in plaats van oplevert.
In deze blog noem ik dit innerlijke bewijsdrang: het gevoel dat je jezelf steeds moet bewijzen.
Wat is innerlijke bewijsdrang?
Innerlijke bewijsdrang betekent dat je het gevoel hebt dat wat je doet nooit helemaal genoeg is.
Je legt de lat voor jezelf hoog. Soms hoger dan anderen dat doen.
Bijvoorbeeld:
Je controleert je werk meerdere keren, ook als dat niet nodig is
Je werkt door terwijl je al moe bent
Je vindt het moeilijk om een taak af te ronden, omdat het nog beter kan
Je voelt spanning als je een fout maakt
Je bent pas tevreden als iets perfect is
Vaak speelt er een onderliggende gedachte, zoals:
"Ik moet laten zien dat ik dit kan."
"Ik mag geen fouten maken."
"Anders denken ze dat ik niet geschikt ben."
Deze gedachten zijn begrijpelijk. Zeker als je eerder bent overvraagd, kritiek hebt gekregen of je onzeker hebt gevoeld op werk.
Maar deze bewijsdrang heeft ook een prijs.
Waarom komt dit vaak voor bij autisme?
Werknemers met autisme ervaren hun werk vaak als intensiever.
Dit heeft verschillende oorzaken:
Je wilt duidelijkheid en controle
Je probeert fouten te voorkomen door extra zorgvuldig te zijn.
Je neemt verantwoordelijkheid serieus
Je wilt betrouwbaar zijn en afspraken nakomen.
Je hebt geleerd dat fouten opvallen
Misschien heb je eerder negatieve reacties gekregen.
Je bent je bewust van je kwetsbaarheid
Bijvoorbeeld op het gebied van communicatie, prikkelverwerking of tempo.
Daardoor kan het voelen alsof je extra je best moet doen om “mee te komen”.