28/01/2015
Huisartsen krijgen binnen vijf jaar een stortvloed aan patiënten die zelf meetgegevens verzamelen. Om grip te houden, is het belangrijk dat huisartsen gaan experimenteren met sensortechnologie, stelt Dirk Jan van der Pol, productmanager Quli.
Van der Pol weet dat huisartsen vrij conservatief ingesteld zijn en, uitzonderingen daargelaten, niet snel experimenteren met sensortechnologie als een bloeddrukmeter, ecg-meters of smartwatches. Toch is het belangrijk dat huisartsen aan de slag gaan met zelfmeten. 'Het duurt geen vijf jaar meer voordat een groot deel van Nederland zichzelf meet. Met name dankzij smartwatches. Een horloge is sociaal geaccepteerd waardoor het niet gek is om met een smartwatch te lopen, terwijl de Google Glass een hoog gadgetgehalte heeft waar je al snel mee voor schut staat. Daarnaast zijn de nieuwe horloges platter, betaalbaarder en vol nieuwe mogelijkheden. Grote partijen als Samsung en Apple zijn bezig met meten van bloedsuiker, ademhaling en zelfs een continue ecg.'
Rol van de huisarts
'Het zou verstandig zijn als huisartsen zichzelf dit keer gingen verdiepen in deze technologie', vindt Van der Pol. Hij wijst daarbij naar de opkomst van patiënten die Google gebruiken om te ontdekken wat hen mankeert. 'In plaats van je kop in het zand te steken en de patiënt als onkundig te bestempelen, kun je ook mensen begeleiden. Door eerst zelf te experimenteren wordt duidelijk welke apparaten werken en welke niet. De huisarts leert zo hoe de technologie werkt, welke apparaten betrouwbaar zijn en welke geschikt zijn voor patiënten. Als de huisarts deze rol niet oppakt, gaan mensen zelf experimenteren en de vraag is of dat verstandig is.'
Aan de andere kant denkt Van der Pol dat huisartsen sowieso niet kunnen ontsnappen aan deze nieuwe technologie. Nu is het nog een enkeling die bij de huisarts komt met gemeten data, maar bij grote percentages patiënten valt het niet meer tegen te houden.